Basles
bas

bas

Solfège in de praktijk 3
Oefeningen om te zingen:


                     4            4
                  3   3       3   3    3
         2    2        2 . .         2     2        2
1    1   1                                      1       1
   7                                                 7


(3kwartsmaat: accent op het blauwe getal)
De afstanden zijn voornamelijk (grote en kleine) secundesprongen 7-1, 1-2, 2-3, 3-4
behalve 7 - 2, dit is een (kleine) terts

Meer tertsoefeningen:

                     4 .    4
           3     3            3
               2         2       2     2
1    1                                      1
   7                                 7


(4 kwartsmaat)
De afstanden zijn tussen 1 en 3 (grote) en tussen 2 en 4 (kleine) terts en
tussen 7 en 2 (kleine) terts.


Het verschil tussen de ene kleine terts (2 4)
en de andere kleine terts (7 2) is het volgende:


        4           2
     3            .
   .           1
2          7



De afstand 2 3 4 begint in de majeurladder met een grote secunde (2 . 3)

De afstand 7 1 2 begint in de majeurladder met een kleine secunde (7 1)

Als los interval hoor je: kleine ters = mineur (bijv. liedje: Greensleeves, vader jacob in mineur, Smoke on the Water etc.)
In toonladderverband hoor je bij 2 4 (bijv. liedje: Fascinating Rhythm)
En bij 2 7 (bijv. liedje: Girl from Ipanema)
Uiteindelijk dus een heel verschil als er eerst een 1 (grondtoon) gegeven wordt.

Ruud Ouwehand
Wordt vervolgd

Binnengekomen zonder navigatie? Klik hier