Basles

Scott laFaro

Scott Lafaro

3. En dan zijn er mengvormen van de vorige twee uitersten. Zo zijn er mensen die een markant interval aangrijpen om hun solo op te baseren, of een klein stukje van het thema daarvoor gebruiken. Er zijn ook solisten die zich niet alleen niets van de melodie van het thema aantrekken, maar ook weinig tot niets van het akkoorden schema. Met deze laatste categorie muzikanten deel ik het podium overigens liever niet.

Pattituci

John Pattituci

Er zijn bovendien vormen van jazz waarbij vooraf uitsluitend een akkoorden schema wordt afgesproken, uitsluitend een melodie, uitsluitend vorm en sfeer van een nummer, of zelfs helemaal niets. Elke muzikale benadering vraagt om andere oplossingen.

Jij zult hierin je eigen weg moeten vinden en je eigen besluiten nemen. Ik wil je dus wel aanraden om je te verdiepen in harmonieleer en muziektheorie, zelfs als je van plan bent om je helemaal niets van de gespeelde harmonie aan te trekken (brrrrrr!). Als je een geniaal natuurtalent bent, hoor je alles natuurlijk, maar zelfs dan kan het nuttig zijn om kennis te nemen van de modellen waarmee de westerse muziek beschreven wordt. Het zal je helpen om op een (veel) hoger niveau te gaan soleren - alleen al omdat het je op ideeën kan brengen waar je anders niet op gekomen zou zijn
.

 

Soleren: notenkeiuze
Hoe pak je je solo aan? Ik denk dat het goed is om een paar dingen te zeggen over de notenkeuze van jazz solisten, zodat jij bewust kunt kiezen hoe je de zaak wilt aanpakken. Want jij bent de meester van je solo’s; jij bepaalt hoe je het wilt doen. Je hebt heerlijk veel vrijheid in de jazz – al heeft het natuurlijk weinig zin om te gaan soleren op een manier die voor niemand te pruimen is. Je kunt bijvoorbeeld op het standpunt staan dat harmonieën leuk klinken op de achtergrond, maar dat jij niets van de akkoorden hoeft te weten of te begrijpen, omdat je daar in je solo geen rekening mee wilt houden. Ik vind dat een armoede bod. Leer over de akkoorden soleren, dan kun je altijd nog besluiten of je binnen of buiten de harmonie wilt spelen. Buiten de akkoorden spelen gaat trouwens veel beter als je verstand van zaken hebt.

Veel jazz musici die het leuk vinden om uitstapjes buiten het akkoordenschema te maken, kiezen voor een benadering waarbij ze binnen het schema spelen, een uitstapje maken buiten het schema om dan vervolgens weer binnen het schema terug te keren. Dit alles kan zich afspelen binnen een paar noten, maar ook de nodige tijd in beslag nemen.
Als jazzmusici aan een solo beginnen, doen zij dat op een van de volgende manieren:

1. Het thema is heilig voor hen. In hun solo komt het terug of je hoort het terug in wat ze spelen. Ik heb in het verleden met een muzikant gespeeld die hier zo ver in ging, dat ik er nooit helemaal zeker van kon zijn of hij nu met zijn solo bezig was of al het slotthema speelde (want dat laatste deed hij nog wel eens met de nodige variatie).

2. Het schema is de aanleiding voor een compleet nieuwe creatie. Je houdt geen rekening met de melodie van het thema, maar laat je inspireren door de akkoorden en de sfeer van het nummer. Deze manier spreekt mij persoonlijk het meeste aan, maar het is absoluut niet ‘beter’ om het zo te doen. Je hebt wel lekker veel vrijheid. Het gevaar is dat je bij elke solo terugvalt op je vaste loopjes, zodat op den duur elke solo op de vorige lijkt. Iedereen heeft zijn vaste loopjes, dus je zult nooit kunnen vermijden dat je in de loop van de avond een aantal malen (bijna) hetzelfde speelt, vooral als je die avond veel solo’s krijgt. Ik speel regelmatig in een duo en trio bezetting (op dit moment vooral met Buma & Baumgarten, Dutch Standards Trio en Pot, Baumgarten & Kleijn) en soleer dan heel veel op een avond. Op zo’n avond probeer ik steeds iets nieuws te verzinnen, een benadering die elke solo een duidelijk ander karakter geeft. Soms lukt dat goed, soms wat minder. Als ik voor een aandachtig luisterpubliek speel, lukt dat eigenlijk altijd, in een rumoerige sfeer vind ik het moeilijker.

Binnengekomen zonder navigatie? Klik hier