Basles

Het is dus eigenlijk het akkoord dat op de 7e trap van een melodische mineur gebouwd wordt - dus op de 7e trap van Ab melodisch mineur in dit geval. Je kunt profiteren van hoe dat akkoord klinkt om er in je solo eens een andere toonladder tegenaan te gooien als je weer eens een twee-vijf-een tegenkomt; i.p.v. bijvoorbeeld G mixolydisch (een majeur toonladder met een mineur septiem) speel je nu Ab melodische mineur.
Ab melodisch mineur = Ab Bb Cb Db Eb F G Ab. Een G7alt = G B Db F. Er zit standaard een b5 in dat akkoord - al mag je ook een #5 spelen, een Eb. Dat is het grappige van een alt akkoord, als het zinvol is en n.a.v. wat je medemuzikanten spelen, kun je alle noten erbij gebruiken uit de toonladder van de melodische mineur een halve toon hoger die je maar wilt. Op de terts en de septiem na zijn alle noten die je erbij kunt pakken verhoogd of verlaagd. Als je zoiets ziet staan als G7#9b5 of G7b9#5 of een andere dergelijke notencombinatie, kun je altijd de altered toonladder spelen.

Kijk nog even naar de toonladder van Ab mel. mineur. Begin even bij de G en tel door tot de Cb. Dat is dus de vierde toon, een kwart, en niet de derde, een terts. De terts is eigenlijk de Bb, een kleine terts. Toch wordt in de G7alt de B (oftewel de Cb) gespeeld door oe huidige jazz beoefenaars. Daarmee wordt het dus eigenlijk een soort kwart akkoord.

Mijn goede vriend Peter Massink (een geweldige saxofonist, die hier en op de rest van de wereld beroemd hoort te zijn), wees me er terecht op dat veel saxofonisten ongezien op deze theorie teruggrijpen en melodische mineur notenreeksen produceren die niets te maken hebben met hun gevoel en die op dat moment irrelevant zijn. Ze hebben zich niet eigen gemaakt wat ze spelen en spelen die noten eigenlijk alleen maar omdat ze het zo geleerd hebben en het zo 'interessant' en modern is om het zo te doen. Dit is natuurlijk een groot gevaar voor iedereen die zich hierin verdiept - vooral als je over een altered akkoord speelt, want dan kan de melodische mineur behoorlijk abstract klinken. Zie dan maar eens een duidelijk persoonlijke touch aan te brengen...

Kortom: stoei hiermee, bekijk hoe jij de melodische mineur kunt gebruiken zodat jij je spel ermee kunt verrijken en speel hem niet als truc. Dit is natuurlijk een raadgeving die voor alle theorie geldt die je wordt aangereikt. Het is toch veel leuker om met een geheel eigen benadering te spelen dan de zoveelste kloon te zijn? Dat muzikanten hun eigen persoonlijkheid zo diepgaand kunnen uitdrukken in de jazz is juist een van die dingen die jazz aantrekkelijk maakt voor mij!

Melodische mineur 2
We gaan verder met het tweede deel van de les over de melodische mineur. Een melodische mineur toonladder gaat zo: C – D – Eb – F – G – A – B - C, het is dus een mineur toonladder met een majeur zes en een majeur septiem. Laten we nu op elke trap van deze toonladder akkoorden bouwen.

Op de eerste trap krijg je C – Eb – G – B, een mineur akkoord met een majeur septiem, dat heerlijk spannend klinkt. Met de vierklank op de tweede trap lijkt niets bijzonders aan de hand te zijn, op het eerste gezicht is dat een mineur septiem. Om de specifieke klankkleur van de melodische mineur uit te buiten, wordt daar echter vaak een sus verlaagde negen van gemaakt, die veel rijker klinkt. In dit geval heb je dan een D sus b9. Probeer maar eens, en gebruik dan (bijvoorbeeld) de volgende voicing (van laag naar hoog): D – C – Eb – G – A. Op de derde trap krijgen we: Eb – G – B – D, een majeur septiem akkoord met een verhoogde kwint. Heftig! Op de vierde trap komt een septiem akkoord. Om de rijkdom van de melodische mineur mooi uit te laten komen, kun je daar een # 11 bij spelen. Op de vijfde trap kun je een septiem akkoord bouwen. Je zou zeggen, gezien het voorafgaande, voeg daar dan maar de Eb aan toe, dan klinkt het akkoord weer mooi melodisch mineur. Maar dit is de uitzondering die de regel bevestigt; de Eb klinkt gewoon niet zo mooi bij dit akkoord. Op de zesde trap en zevende trap blijken na enig rekenwerk half verminderde akkoorden te komen. Althans, dat zou je op het eerste gezicht zeggen, want met het akkoord op de zevende trap is iets heel speciaals aan de hand.

Laten we eens naar de toonladder kijken vanuit de zevende trap: B – C– D – Eb – F – G – A – B. Van de grondtoon B naar de kwart is een toonafstand van 2, een afstand die we normaal associëren met een grote terts – en zo klinkt dit interval ook.

In de moderne jazz is het daardoor de gewoonte geworden om de C als een verlaagde negen te beschouwen en de D als een # negen. Het akkoord op de zevende trap van een melodische mineur wordt gespeeld als een septiem akkoord. Het wordt een altered akkoord of altered septiem akkoord genoemd. En inderdaad, alles is zo’n beetje altered, dat wil zeggen veranderd, vergeleken met normaal. Alleen de ‘terts’ en de septiem zijn ‘normaal’, maar verder kun je dus een verminderde negen, een # negen, een # ‘elf’ en een # vijf eraan toevoegen. Een heel spannend akkoord, zo’n altered akkoord.

Ook de toonladder die je over dit akkoord speelt (dat is dus de melodische mineur van een halve toonafstand hoger) klinkt heel spannend. De eerste helft klinkt me bijna Arabisch in de oren, het tweede gedeelte komt overeen met een hele toon toonladder, een toonladder die ik behoorlijk abstract vind klinken. Probeer maar eens wat jij ervan vindt!

De grap is hoe deze akkoorden gebruikt worden: namelijk om in plaats te spelen van de akkoorden die je ‘normaal’ zou verwachten. Stel dat je bijvoorbeeld in een nummer een twee – vijf – een tegenkomt (het akkoord op de tweede, vijfde en eerste trap van een toonladder, de meest voorkomende progressie in de jazz), bijvoorbeeld Dmi7 – G7 – Cmi7. Je kunt nu, als de melodie het toestaat, deze akkoorden gaan vervangen door een aantal akkoorden die we net besproken hebben.

Bijvoorbeeld: Dsusb9 – Galt – Cmimajeur7. Op het eerste en laatste akkoord speel je dan in C melodische mineur en op de G7alt in Ab melodische mineur. De grap is dat Galt klinkt als een dominant akkoord en erom vraagt om opgelost te worden in een of ander C akkoord. Dat is de enige reden waarom je het in een akkoordenschema kunt gebruiken als substituut voor een 'normaal' septiem akkoord, het akkoord dat op de vijfde trap van een toonladder wordt gebouwd.

Binnengekomen zonder navigatie? Klik hier